Palacio de las Cadenas

Begin mei is het feestseizoen in Spanje. Her en der wordt met Madonna’s rondgezeuld en zoiets zet een dorp of een stad geheel op zijn kop. In Sabiote, een kilometer of vijf zes van Úbeda, kwamen we er middenin terecht.

Kapel van de Heilige Verlosser

In Úbeda was het ook feest gisteravond, we vinden her en der nog gebruikte stalletjes die gediend hebben voor voedsel- of drankverstrekking, voor lokale ambachten (zoals in Sabiote een slangentemmer) of andere activiteiten. Verder is het doodstil op zondagmorgen. Zou iedereen in de kerk zitten of is de siesta vervroegd? In ieder geval kunnen we er rondlopen zonder dat iemand er erg in heeft. Pas in het ‘echte’ door UNESCO door ‘outstanding value’ (o.i.d.) gekenmerkte centrum lopen alvast wat toeristen voor de vast nog wel arriverende hausse aan bussen uit. Waaronder wij, auto in de parkeergarage en op zoek naar de mooie dingen.

Het centrum draait hier vooral om de Plaza Vázquez de Molina. Als je maar weinig tijd hebt – we worden vanmiddag alweer in Cordóba verwacht – dan heb je met dit langgerekte plein met renaissancistische monumenten een aardige besteding van enkele uren.

Santa María de los Reales Alcázares

Om maar even met de naamgever van het plein te beginnen: Juan Vázquez de Molina (ca. 1500-1570) was in de tijd van Karel V een van diens belangrijkste raadslieden, die optrad als persoonlijk secretaris van de keizer en later ook van Filips II. Vázquez was geboren in Úbeda en dankzij zijn belangrijke baan een rijk man. In 1565 liet hij door bouwmeester Andrés de Vandelvira (1509-1575) een optrekje bouwen in zijn geboortestad dat zo groot was dat het heden ten dage (en al sinds 1850) dienst doet als gemeentehuis met in de kelder een museum over de Spaanse renaissance. Het staat bekend als het Ketenenpaleis (Palacio de las Cadenas). Een uitleg van die naam verschilt per historicus die je benaderd, maar het zou kunnen gaan om een in Castilië gangbare term voor (een deel van) een keten zodanig belangrijke paleizen die niet ver in rang onder de koninklijke paleizen onderdoen.

Portaal van de San Pedrokerk

Schuin tegenover het paleis vind je een van de stokoude kerken van Úbeda: de basiliek van Santa María de los Reales Alcázares (Onze Lieve Vrouwe van het Koninklijk Paleis), waarvan de bouw begonnen is na de herovering op de moslims in 1233 door de Castiliaanse koning Fernando III de Heilige.  Uiteraard en zoals gewoonlijk op de grondvesten van een moskee, die op zijn beurt gebouwd was op een gewijde plaats uit de Bronstijd. Dankzij de lange bouwtijd, die tot in de 19’de eeuw duurde is zo ongeveer wel iedere gangbare bouwstijl in de kerk vertegenwoordigd en dat maakt de kerk best interessant.

In de Spaanse burgeroorlog kreeg de basiliek het zwaar te verduren en een poging tot herstel van de schade door een niet al te vakkundige aannemer liep bijna op een ramp uit, maar een grootscheepse restauratie in het begin van deze eeuw bracht het gebedshuis weer in de staat van weleer terug.

Een derde monument van bijzondere waarde is de Kapel van de Heilige Verlosser, die aan de westzijde van de Plaza staat. Deze werd in dezelfde tijd als het Palacio de las Cadenas opgeleverd en is gebouwd door Diego de Siloé, die we inmiddels kennen van de kathedraal van Granada. Het is, en dat is niet raar, een van de meest gefotografeerde monumenten van de stad en een echt visitekaartje.

Ik zou hier best nog wel een paar uurtjes rond kunnen lopen, maar zoals gezegd: er is weinig tijd en de Mezquita in Cordóba lonkt…