Baeza ligt hoog op een heuvel en dat betekent een formidabel uitzicht.

Andalusie kent heel wat werelderfgoed. Granada, Córdoba, Sevilla, ze komen allemaal langs. Iets minder bekend, maar daarom zeker zo leuk zijn de tamelijk stille stadjes Baeza en Ubeda, die sinds 2003 op de UNESCO-lijst staan. Aan beide brengen we een kort bezoek.

Mariafontein uit 1564

De zaterdagmiddag is voor een zonovergoten Baeza. We parkeren aan de rand van het hooggelegen stadje, met enorm uitzicht en dan is het een minuut of 10 lopen naar het oude centrum, klein en overzichtelijk. Maar er is veel te zien. Aan een niet al te groot plein is er de kathedraal (Catedral de la Natividad de Nuestra Señora de Baeza), zoals gewoonlijk gebouwd op de resten van een voormalige moskee, die al in 1147 met de stad heroverd werd op de moslims en vervolgens als katholieke kerk gewijd werd. In de 16’de eeuw werd het gebouw omgeturnd in een renaissance bouwwerk.

Palacio de Jabalquinto met rijk bewerkte gevel

Vóór de kathedraal vind je het meest gefotografeerde object van de stad: de Mariafontein uit 1564. De bouw ervan markeerde de voltooiing van een uitgebreid systeem dat water vanuit een bron 2,5 kilometer verderop naar de hooggelegen stad bracht. Tekst op het monument geeft bouwjaar en opdrachtgever aan.

Iglesia de Santa Cruz

Het plein wordt verder omgeven door de plaatselijke universiteit, tegenwoordig een onderdeel van de UNIA (Universidad Internacional de Andalusia) met hoofdzetel in Sevilla. Zij is gevestigd in het laat 14’de eeuwse paleis van Jabalquinto, gebouwd voor de lokaal beroemde familie Benavides. Men doet er vooral onderzoek naar agrarische ontwikkeling in Andalusië

De voormalige Benavideskapel, onderdeel van het Franciscanerconvent.

Tegenover de universiteit een nog in Romaanse stijl gebouwd kerkje uit de 12’de eeuw, de Iglesia de Santa Cruz. Deze bouwwijze is in dit deel van Spanje vrijwel onbekend en meestal vervangen, door een pompeus stukje renaissance, maar deze staat er na 800 jaar nog.

Ook zeker het vermelden waard is de Benavideskapel, in 1538 gesticht door de eerder genoemde familie Benavides voor het klooster van de Minderbroeders. Hoewel het uiterlijk anders doet vermoeden is er van de kerk niet veel meer dan de voorgevel over want ruim 200 jaar geleden stortte het grootste gedeelte in na combinatie van een aardbeving, een zandstorm en plunderende Napoleontische troepen. In 1988 is bij wijze van herstel een deel van het schip hersteld in beton met ijzeren bogen, om te laten zien hoe groot het vroeger was.

Er is natuurlijk nog veel meer te zien. Ik noem maar even het centraal gelegen Plaza de la Constitucion, waar alles gebeurt en iedereen bijeenkomt. Een kijkje op het Plaza de los Leones met zijn renaissance-gebouwen is ook zeker de moeite waard.

Morgen reizen we af naar Córdoba, maar eerst bekijken we Ubeda nog.